Appverkeer

Column

We hadden een vergadering. Zoals zoveel vergaderingen was hij langdradig. De voorzitter was vooral graag zelf aan het woord, en hield lange monologen. Ik werd er haast balorig van. Een collega ook. Die schoof me een briefje toe (het was ver voor de tijd van telefoons en appjes), waarop ik las: ‘wat een gezeur, ook zo’n zin in een sigaar?’ Ik had de neiging hem bevestigend terug te schrijven maar deed het maar niet, want de voorzitter keek al wat verstoord onze richting op. Het was ook de tijd van ver vóór de wet openbaarheid bestuur. Met die wet in de hand zou het zo maar kunnen dat ik verplicht was geweest om hem dat briefje te overhandigen. We hadden tijdens de formatie informateur Wijers die zijn mening over mevrouw Yesilgöz in een Whatsapp bericht niet onder stoelen of banken stak. Hij noemde haar een leugenaar, en misschien ook wel een feeks, en dat mag niet, ook als zonneklaar is dat de bewuste persoon niet de waarheid heeft gesproken. Er was een journalist die vond dat het van belang was om dit appje te publiceren. De vraag is dan in wiens belang. Ik denk in het zijne; dat hij als journalist een primeur kon scoren. Het belang van de formatie was er in ieder geval niet mee gediend. Tijdens corona werd er door bewindslieden zo links en rechts wat rond geappt. Ik snap dat wel. Je leeft onder spanning, in crisis, en dan wil je wel eens je hart luchten. En het is best lekker om dat dan een beetje ongenuanceerd te doen. Dat vindt iedereen lekker; gewoon een keer flink schelden en roddelen. En dat is dan niet bedoeld ter publicatie! Ook na een les of een repetitie: wat had die fluitist veel te zeuren, of wat waren die tenoren weer vervelend. Ja dat kan, dat je dat vindt, en dat je dat dan na de repetitie, thuis, tegen je vrouw zegt. “Zo, dat is er uit!”. Ik vermoed zomaar dat Henri Bontenbal ook niet genoeg heeft aan alleen zijn orgel om af en toe wat stoom af te blazen. Die zal ook best wel eens zijn frustraties de vrije loop laten over collega’s van, om maar eens een dwarsstraat te noemen, de VVD. En, wie weet, hebben hij en Rob Jetten ook wel eens samen een mopperonderonsje. Die laatste trouwens versprak zich op het D66 congres. Nou ja, hij zei wat hij dacht. Het ging over homohaters en wat hij daar van vond. Hij zou zulke lui “wel op hun bek willen slaan”. Ik snap hem wel. Gideon van Meieren snapte hem niet. Het FvD Kamerlid heeft 26 (!) schriftelijke Kamervragen gesteld over deze uitspraak van de premier. Op de website van Forum staan ze alle 26 uitgespeld. Goed en degelijk werk, zou je kunnen zeggen. Maar meneer Van Meieren heeft wel erg veel energie gestoken in het zoeken naar spijkers op laag water, zou je ook kunnen zeggen... Als mensen met elkaar omgaan, in werkverband of privé, ontstaat er wel eens wrijving, en zeg je wel eens iets wat je in het openbaar nooit zou zeggen. Volgens mij zou dat vooral zo moeten blijven. Het is van vergaderingen ook bekend dat de vruchtbaarste besprekingen vaak pas plaatsvinden als het notulenboek is gesloten; in een minder officiële setting. Maar tegenwoordig moet je dus wel uitkijken wat je dan allemaal zegt. Het benoemen van de begeerte naar een sigaar lijkt me nog vrij onschuldig…

Kees Steketee